





























Hadeeth Cards
Da'wa cards that highlight great meanings from the noble prophetic hadiths in a simple style and attractive display that helps the Muslim to have a deeper understanding of his religion in an easy way
All
Overgeleverd door Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem) dat de Profeet (vrede zij met hem) zei: "Er gaat geen dag voorbij zonder dat twee engelen neerdalen. De ene zegt: 'O Allah, schenk degene die geeft een overvloedige beloning.' De andere zegt: 'O Allah, laat de gierige tegenspoed ervaren'".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe Profeet (vrede zij met hem) heeft bericht dat op elke dag waarop de zon opkomt, twee engelen neerdalen en roepen. De ene zegt: O Allah, schenk de gever van goede daden, die zijn middelen besteedt aan zijn familie, gasten en in vrijwillige bijdragen, een rijke vervangingen. Verleen hem overvloedige beloningen voor zijn giften en zegen hem in wat hij heeft gegeven. En de ander zegt: 'O Allah, breng de gierige tot verlies en verkwist zijn bezittingen, die hij heeft onthouden van degenen die recht hebben op wat hem toekomt.'
Sahl ibn Sa'd (moge Allah tevreden met hem zijn) rapporteerde: De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Ik zal morgen deze vlag geven aan een man die Allah middels hem de overwinning zal realiseren middels hem, hij houdt van Allah en Zijn boodschapper en Allah en Zijn boodschapper houden van hem," zei hij. Mensen spendeerden de nacht afwachtend, elk van hen hoopte het te ontvangen. Toen de ochtend aanbrak, verzamelden ze zich rond de boodschapper van Allah, in de hoop de vlag te ontvangen. Hij vroeg: "Waar is Ali ibn Abi Talib?" Ze zeiden: "Hij klaagt over zijn ogen, o boodschapper van Allah." Hij zei: "Breng hem naar me toe." Toen Ali er was, spuwde de boodschapper van Allah in zijn ogen en bad voor hem. Hij genas meteen, alsof hij geen pijn had gehad. Daarna gaf hij hem de vlag. Ali vroeg: "O boodschapper van Allah, zal ik tegen hen vechten totdat ze ons gelijk zijn?" Hij zei: "Ga naar hun kamp en nodig hen uit tot de Islam en informeer hen over de rechten van Allah op hen. Bij Allah, als Allah één persoon door jou leidt, is dat beter voor jou dan rode kamelen te bezitten".
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) informeerde de metgezellen over de overwinning van de moslims op de joden van Khaybar de volgende dag, door de hand van een man aan wie hij de vlag zou geven. Dit was het teken dat het leger als symbool zou dragen. Deze man kenmerkte zich doordat hij van Allah en Zijn boodschapper hield, en Allah en Zijn boodschapper hielden van hem. Die nacht speculeerden de metgezellen over wie deze eer zou krijgen, verlangend naar deze grote eer. Toen de ochtend aanbrak, gingen ze naar de profeet (vrede zij met hem), in de hoop allemaal deze eer te ontvangen. Hij vroeg naar Ali ibn Abi Talib (moge Allah tevreden zijn met hem). Er werd gezegd dat hij ziek was en klaagde over zijn ogen. De profeet (vrede zij met hem) stuurde naar hem en toen hij kwam, spuwde hij in de ogen van Ali met zijn heilige speeksel en bad voor hem. Onmiddellijk genas hij, alsof hij nooit ziek was geweest. Toen gaf hij hem de vlag en beval hem zachtjes voorwaarts te gaan totdat hij het vijandelijke fort naderde en hen uitnodigde tot de Islam. Als ze hem gehoorzamen, zou hij hen vertellen wat hun verplichtingen zijn. Vervolgens legde de profeet (vrede zij met hem) uit aan Ali de verdienste van het uitnodigen tot Allah en dat als een oproeper één persoon leidt tot leiding, dat beter voor hem is dan het bezitten van de rode kamelen, die het meest waardevol zijn onder de Arabieren, of het weggeven ervan in liefdadigheid.
Overgeleverd door Zayd ibn Khalid (moge Allah tevreden zijn met hem ) dat de boodschapper van Allah (vrede zij met hem), heeft gezegd: "Wie een strijder op weg naar Allah uitrust, heeft zelf ook gestreden, en wie een strijder op weg naar Allah goed vervangt, heeft zelf ook gestreden."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem), informeerde dat degene die een strijder op weg naar Allah voorziet van alles wat hij nodig heeft voor zijn reis, zoals wapens, een rijdier, voedsel, en uitgaven, in dezelfde categorie valt als de strijder zelf en de beloning van de strijders verkrijgt. En wie de zorg voor de zaken van de strijder op zich neemt en voor zijn familie zorgt tijdens zijn afwezigheid, valt ook in dezelfde categorie als de strijder.
Het volgende is overgeleverd door Yahya ibn 'Oemarah al-Mazini: Ik heb gezien dat 'Amr ibn Abi Hassan 'Abdoellah ibn Zaid naar de manier van de woedoe van de profeet (vrede zij met hem) vroeg. Dus vroeg hij om een kom water, en hij verrichtte de wassing van de profeet (vrede zij met hem) voor hen. Hij begon met zijn hand in de kom te dompelen en waste zijn handen drie keer. Vervolgens stak hij zijn hand in de kom, spoelde zijn mond, snoof water in zijn neus en spuugde het uit, dit deed hij driemaal. Daarna waste hij zijn handen tot de polsen. Vervolgens streek hij met zijn hand over zijn hoofd en veegde zijn oren af, eerst met de voor- en daarna met de achterkant van zijn hand, dit deed hij eenmaal. Tot slot waste hij zijn voeten tot aan de enkels.
Overeengekomen tussen al-Boekhari en Moeslim"Abdoellah ibn Zaid, moge Allah tevreden zijn met hem, beschreef de werkelijke manier van de wassing van de profeet (vrede zij met hem), Hij vroeg om een kleine kom water. Hij begon eerst met het wassen van zijn handen, vervolgens pakte hij de kom, goot water over zijn handen en waste ze buiten de kom, driemaal. Daarna plaatste hij zijn hand in de kom, nam er drie handen water uit, spoelde zijn mond, snoof water op en spuugde het uit, Daarna schepte hij water uit de kom en waste zijn gezicht drie keer. Vervolgens nam hij opnieuw water uit de kom en waste zijn handen tot aan de ellebogen, twee keer. Vervolgens plaatste hij zijn handen in de kom en veegde met zijn handen over zijn hoofd, te beginnen vanaf de voorkant van zijn hoofd tot aan de bovenkant van zijn nek, en daarna terug naar het punt waar hij begon. Vervolgens waste hij zijn voeten inclusief de enkels.
Van Ammaar ibn Yaasir (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: De boodschapper van Allah (vrede en zegeningen zij met hem) stuurde me op een missie. Ik was ontreinig( djanabah) en kon geen water vinden. Dus wreef ik me in met droog zand zoals een dier dat doet. Toen ik bij de profeet (vrede zij met hem) kwam en hem dit vertelde, zei hij: 'Het volstond voor jou om het volgende met je handen te doen en hij sloeg eenmaal met zijn beide handen op de grond, veegde vervolgens zijn linkerhand over zijn rechterhand, zijn gezicht en beide handen.
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) stuurde Ammar ibn Yasir (moge Allah tevreden zijn met hem) op reis om een aantal behoeften voor hem af te handelen. Tijdens de reis werd hij getroffen door djanaba na geslachtsgemeenschap of een zaadlozing door opwinding, en hij vond geen water om zich mee te reinigen, Hij was niet op de hoogte van de regels met betrekking tot tayammoem (droogrituele reiniging) in geval van djanaba, maar had geen kennis van de regels voor de kleinere vormen van onreinheid. Hij deed zijn uiterste best en veronderstelde dat, net zoals men aarde gebruikt om bepaalde delen van het lichaam te reinigen bij kleinere vormen van onreinheid, het ritueel van tayammoem voor djanaba vereist dat het hele lichaam wordt aangeraakt met aarde, zoals men normaal water zou gebruiken. Daarom wreef hij over zijn lichaam met aarde totdat het volledig bedekt was, en verrichtte vervolgens zijn gebed. Toen hij bij de profeet (vrede zij met hem) kwam, vertelde hij hem dit om te zien of hij gelijk had of niet? De profeet (vrede zij met hem) legde hem uit hoe hij zich ritueel diende te reinigen van de kleinere onreinheden, zoals urine, en de grotere onreinheid, zoals djanaba: Door eenmaal met de handen op aarde te slaan, vervolgens de linkerhand over de rechterhand te vegen en deze handen vervolgens over het gezicht en beide handen te bewegen.
Van Djarier ibn ‘Abdoellah (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: Ik heb de profeet van Allah (vrede zij met hem) trouw gezworen met de getuigenis dat er geen god is dan Allah, en dat Mohammad de boodschapper van Allah is. Ik beloof gebed te verrichten, liefdadigheid te geven, gehoorzaamheid te tonen en oprechte adviezen te geven aan elke moslim.
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe metgezel Djarier ibn Abdoellah (moge Allah tevreden zijn met hem ) meldt dat hij een verbintenis aanging en een belofte deed aan de profeet (vrede zij met hem) met betrekking tot het geloof in één God en het verrichten van de vijf verplichte gebeden per dag en nacht, volgens de voorwaarden, pijlers, verplichtingen en aanbevolen handelingen, evenals het betalen van de verplichte vorm van liefdadigheid (Zakaat), een financiële daad van aanbidding die wordt genomen van de rijken en gegeven aan de behoeftigen en anderen. Hij beloofde ook gehoorzaamheid aan de gezagsdragers, oprechte advisering aan elke moslim, met als doel zijn welzijn, het brengen van goedheid naar hem toe en het afwenden van kwaad door middel van woorden en daden.
Overgeleverd van Moad ibn Jabal (moge Allah tevreden met hem zijn): Dat de boodschapper (vrede zij met hem) de hand van Moad ibn Jabal vastgreep en zei: "O Moad, bij Allah, ik hou werkelijk van jou.' Toen zei hij: 'Ik adviseer jou, o Moad, laat na elke gebed niet na te zeggen: 'O Allah, help mij U te herinneren, U te danken en U op de beste manier te aanbidden".
رواه أبو داود والنسائي وأحمدDe profeet (vrede zij met hem) greep de hand van Moad ibn Jabal (moge Allah tevreden met hem zijn) vast en zei tegen hem: "Bij Allah, ik hou werkelijk van jou. Ik adviseer jou, o Moad, laat na elke gebed niet na te zeggen: (O Allah, help mij om U te gedenken) in elk woord en elke daad die mij dichter bij gehoorzaamheid brengt, (en U te danken) door het verkrijgen van gunsten en het afwenden van toorn, (en U op de beste manier te aanbidden) en door oprecht aanbidding van U en het volgen van de profeet (vrede zij met hem).
Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn over hem ) zei: "De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: ''Allah zegt: Elk van de daden van de zoon van Adam is voor hem, behalve het vasten, want dat is voor Mij en Ik zal ervoor belonen. Vasten is een schild. Als het de dag van vasten is voor een van jullie, laat hem dan geen obscene taal gebruiken en niet luidruchtig zijn. Als iemand hem beledigt of met hem vecht, laat hem dan zeggen: 'Ik ben aan het vasten.' Bij Degene in Wiens hand de ziel van Mohammed is, de ademgeur van de vastende is bij Allah beter dan de geur van muskus. De vastende heeft twee vreugdevolle momenten: wanneer hij zijn vasten verbreekt, is hij blij en wanneer hij zijn Heer ontmoet, is hij blij vanwege zijn vasten."
Overeengekomen tussen al-Boekhari en MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) informeerde dat Allah, de Verhevene, zegt in de heilige overlevering: Elke daad van de zoon van Adam wordt vermenigvuldigd: een goede daad wordt beloond met tien gelijkwaardige beloningen tot zevenhonderd keer, behalve het vasten. Want vasten is voor Mij en Ik beloon het specifiek. Ik bepaal persoonlijk de beloning ervan en vermenigvuldig de verdiensten ervan. Dan zei Hij: (Vasten is een schild), bescherming en een beschutting tegen het Vuur, omdat het inhoudt om zich te onthouden van verlangens en zonden en het vuur is omringd door verleidingen. (Dus als één van jullie vast, laat hem dan geen onbetamelijke handelingen verrichten, niet in woorden of daden) door geslachtsgemeenschap en noch met voorbereidingen daarvoor en ook niet met grof taalgebruik. (en niet luidruchtig) met ruzie en geschreeuw. (Als iemand hem uitscheldt of met hem vecht) tijdens de Ramadan, laat hem dan zeggen: 'Ik ben aan het vasten'; misschien zal hij dan ophouden. Als hij echter blijft aandringen op een gevecht, laat hem dan afweren met de minst mogelijke schade, zoals men een aanvaller zou afweren. Toen zwoer de profeet (vrede zij met hem) en hij deed een eed bij Degene in Wiens hand zijn ziel rust, dat de verandering van de geur van de mond van een vastende door het vasten, aangenamer is voor Allah op de Dag des Oordeels dan de geur van muskus bij jullie en meer beloning oplevert dan de aanbevolen muskus tijdens de vrijdaggebeden en bijeenkomsten van dhikr (gedenking van Allah). En voor de vastende zijn er twee vreugdemomenten: wanneer hij het vasten verbreekt, verheugt hij zich over het beëindigen van zijn honger en dorst, aangezien het hem toegestaan is om te eten en te drinken. En hij verheugt zich over het voltooien van zijn vasten en het afsluiten van zijn aanbidding, de verlichting van zijn Heer en de steun voor zijn toekomstige vasten. (en wanneer hij zijn Heer ontmoet, is hij blij vanwege zijn vasten) vanwege de beloning en het loon daarvoor.
Aisha (moge Allah tevreden over haar zijn) heeft gezegd: "Op een nacht miste ik de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) in bed en ging ik naar hem op zoek. Mijn hand raakte de zolen van zijn voeten, terwijl hij in de moskee was met zijn voeten rechtop. Hij zei: "O Allah, ik zoek toevlucht in Uw tevredenheid tegen Uw ontevredenheid, in Uw vergeving tegen Uw straf en ik zoek toevlucht in U tegen Uzelf. Ik kan U niet genoeg prijzen, U bent zoals U Uzelf geprezen hebt."
Overgeleverd door MoeslimAisha (moge Allah tevreden met haar zijn) zei: "Ik sliep naast de Profeet (vrede zij met hem) toen ik hem 's nachts plotseling miste. Ik tastte met mijn hand naar de plek waar hij gewoonlijk in de kamer bad en vond hem in neerbuigende houding met zijn voeten rechtop. En ik hoorde hem zeggen: "(Ik zoek toevlucht) en smeek (met Uw tevredenheid tegen Uw ontevredenheid) over mij of mijn gemeenschap, (en) ik zoek bescherming (in Uw vergeving) en ruime Genade (tegen Uw straf)." (En ik zoek toevlucht bij U tegen Uzelf) en bij Uw Eigenschappen van schoonheid tegen Uw Eigenschappen van Majesteit, want niemand kan tegen U bescherming bieden behalve U. Er is geen ontkomen en geen toevlucht van Allah behalve tot Hem. (Ik kan U niet genoeg prijzen) Ik ben niet in staat en kan niet volledig de lof en het aantal van Uw zegeningen en weldaden opsommen zoals U dat verdient, hoezeer ik ook mijn best zou doen." (U bent zoals U Uzelf geprezen hebt) U bent degene die Uzelf geprezen hebt met een lof die U past. Wie kan de lof aan U brengen die U werkelijk verdient?!"