





























Hadeeth Cards
Da'wa cards that highlight great meanings from the noble prophetic hadiths in a simple style and attractive display that helps the Muslim to have a deeper understanding of his religion in an easy way
All
Overgeleverd door de Moeder der Gelovigen, Oem ‘Abd Allah Aisha, moge Allah tevreden zijn met haar, die zei: De Boodschapper van Allah (vrede en zegeningen zij met hem) zei: "Wie in onze aangelegenheid iets introduceert dat er niet toe behoort, wordt als verworpen beschouwd." En in een overlevering van Moeslim: ‘'Wie een handeling verricht die niet tot onze aangelegenheid behoort, wordt verworpen."
رواه البخاري ومسلمDe profeet (vrede zij met hem) maakt duidelijk dat degene die innovaties introduceert in de religie of daden verricht zonder enige verwijzing naar bewijzen uit de koran en de soenna, dat deze daden worden verworpen en onaanvaardbaar zijn bij Allah.
Overgeleverd door Aboe Hoerayra, ‘Abd al-Rahman ibn Sakhr – moge Allah tevreden over hem zijn – die zei: Ik hoorde de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zeggen: "Wat Ik u heb verboden: vermijdt het. En wat Ik u heb bevolen: verricht daarvan zoveel als u vermogen reikt. Want waarlijk, degenen vóór u kwamen slechts ten val door hun buitensporige vragen en hun tegenspraak tegenover hun profeten."
رواه البخاري ومسلمDe Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) heeft ons duidelijk gemaakt dat, wanneer hij ons voor iets waarschuwt of het ons verbiedt, het ons zonder uitzondering verplicht is dit te mijden. En wanneer hij ons tot iets beveelt, rust op ons de plicht daarvan te verrichten wat binnen ons vermogen ligt. Vervolgens waarschuwde hij ons opdat wij niet zouden worden als sommige vroegere volkeren, die hun profeten met een overvloed aan vragen bestookten en hen vervolgens ongehoorzaam waren. Daarom strafte Allah hen met uiteenlopende vormen van ondergang en vernietiging. Het betaamt ons dus niet hun voorbeeld te volgen, opdat wij niet ten gronde gaan zoals zij te gronde gingen.
Van Aboe Hoerayra (moge Allah tevreden zijn met hem ) rapporteerde: De boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: "Voorwaar, Allah is Rein en aanvaardt slechts dat wat rein is. En Allah heeft de gelovigen bevolen zoals Hij de gezanten bevolen heeft. Hij zegt de Verhevene: ‘'O, boodschappers! Eet van het goede en verricht het rechte werk.’ En Hij zegt: ‘'O, gij die gelooft! Eet van de zuivere gaven waarmee Wij u hebben voorzien.’' Vervolgens werd het voorbeeld aangehaald van een man die een lange reis maakt, onverzorgd en met stof bedekt, zijn handen uitstrekend naar de hemel, zeggende: ‘'O mijn Heer! O mijn Heer!’' Maar zijn voedsel is onrechtmatig, zijn drank is onrechtmatig, zijn kledij is onrechtmatig en hij is gevoed met het onrechtmatige. Hoe zou dan zijn du'a worden verhoord?"
Overgeleverd door MoeslimDe profeet (vrede zij met hem) informeerde dat Allah zuiver, heilig en vrij van gebreken is, volmaakt in Zijn attributen. Hij aanvaardt alleen wat zuiver is van daden, woorden en overtuigingen, dat wat puur en oprecht is, in overeenstemming met de leiding van de profeet (vrede zij met hem). Het is passend dat men zich tot Allah nadert met zulke zuiverheid. Een van de grootste zegeningen voor een gelovige is dat zijn voedsel zuiver is en van het wettige, waardoor zijn daden gezuiverd worden. Daarom heeft Allah de gelovigen geboden zoals Hij de boodschappers heeft geboden om van het goede te eten en goede daden te verrichten. Allah zegt: 'O boodschappers, eet van de goede dingen en doe goede daden, voorwaar, Ik weet goed wat jullie doen.' (Al-Moe'minoen: 51) en Hij zei: 'O jullie die geloven, eet van de goede dingen waarmee Wij jullie hebben voorzien.' Vervolgens waarschuwde de profeet (vrede zij met hem) tegen het eten van het verbodene, wat de daden bederft en hun acceptatie voorkomt, hoezeer men ook moeite doet om opvallende redenen voor acceptatie te presenteren. Deze redenen omvatten: 1. Het langdurig reizen voor gehoorzaamheid zoals de bedevaart, jihad, het onderhouden van familiebanden en andere vormen van gehoorzaamheid. 2. Het hebben van verward haar door gebrek aan kammen, veranderde kleur door stof op zowel het haar als de kleding, wegens onvermijdelijke omstandigheden. 3. Het opheffen van handen naar de hemel tijdens smeekbeden. 4. Het aanroepen van Allah bij Zijn namen en hierin volhardend, zeggende: "O Heer, O Heer!" Ondanks deze redenen voor verhoorde smeekbeden, wordt niet naar hem geluisterd vanwege zijn voedsel, drank en kleding die verboden zijn en omdat hij gevoed wordt door het verbodene. Ver van dat Allah zou antwoorden op iemand met deze eigenschappen en hoe zou Hij antwoorden?
Overgeleverd door Aboe al-‘Abbas, ‘Abdoellah ibn ‘Abbas, moge Allah met beiden tevreden zijn, dat hij zei: “Ik bevond mij eens achter de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) toen hij zei: "O jongen! Ik zal je woorden leren: Wees Allah getrouw en Hij zal jou beschermen; wees Allah getrouw en je zult Hem tegenover je vinden. Wanneer je iets vraagt, vraag het dan aan Allah en wanneer je hulp zoekt, zoek die dan bij Allah. Weet dat als de gehele gemeenschap zich zou verenigen om jou iets te laten baten, zij jou niet zou baten behalve met datgene wat Allah voor jou heeft bepaald. En als zij zich zouden verenigen om jou schade toe te brengen, zouden zij jou niet schaden behalve met datgene wat Allah over jou heeft geschreven. De pennen zijn opgeheven en de boeken zijn gedroogd.” En in een overlevering anders dan die van At-Tirmidhi: ‘'Wees Allah getrouw en je zult Hem voor je vinden. Wendt u tot Allah in tijden van voorspoed en Hij zal u erkennen in tijden van beproeving. Weet dat wat jou niet heeft getroffen, jou niet had kunnen treffen en wat jou heeft getroffen, jou niet had kunnen missen. Weet dat overwinning samengaat met geduld, dat verlichting komt te midden van benauwdheid en dat bij elke moeilijkheid gemak en verlichting te vinden zijn."
رواه الترمذي وغيرهIbn ‘Abbas, moge Allah tevreden zijn met hem, vertelt dat hij als kind eens met de Profeet (vrede zij met hem) reed, toen de Profeet tot hem zei: ‘'Ik zal je dingen en kennis leren waarmee Allah je ten goede zal komen": Wees Allah getrouw door Zijn geboden te onderhouden en Zijn verboden te vermijden, zodat je Hem zult vinden in gehoorzaamheid en toewijding en niet in zonden en overtredingen. Wie dit doet, zal als beloning van Allah bescherming ontvangen tegen de narigheid van dit wereldse leven en het Hiernamaals en zal succes vinden in al zijn aangelegenheden, waarheen hij zich ook wendt. Wanneer je iets wilt vragen, vraag het dan uitsluitend aan Allah, want Hij alleen is het die de vraag beantwoordt. Wanneer je hulp zoekt, wend je dan slechts tot Allah. Weet met zekerheid dat geen enkel voordeel jou zal bereiken, zelfs niet als de hele aarde zich zou verenigen om jou te baten, behalve datgene wat Allah voor jou heeft bepaald; en geen enkel kwaad zal jou treffen, zelfs niet als de hele aarde zich zou verenigen om jou te schaden, behalve datgene wat Allah over jou heeft vastgesteld. Dit alles heeft Allah, de Almachtige, geschreven en bepaald volgens Zijn oneindige wijsheid en kennis, er is geen verandering in hetgeen Hij heeft vastgesteld. Wie Allah getrouw is door Zijn geboden te onderhouden en Zijn verboden te vermijden, zal Hem vinden voor zich; Hij weet wat in het hart van de dienaar leeft en Hij zal hem bijstaan en versterken. Wanneer de mens Allah gehoorzaamt in tijden van voorspoed, zal Allah hem een uitweg en verlichting schenken in tijden van beproeving. Laat elke dienaar tevreden zijn met wat Allah hem heeft toegewezen van goed en kwaad. In moeilijkheden en beproevingen oefent de dienaar geduld; geduld is immers de sleutel tot verlichting. Wanneer de benauwdheid toeneemt, zal Allah verlichting brengen en wanneer de moeilijkheid komt, zal Hij deze doen volgen door gemak.
Overgeleverd door Aboe ‘Amr en er wordt ook gezegd: Aboe ‘Amrah Soefyaan ibn ‘Abdellah, moge Allah tevreden zijn met hem, die zei: Ik vroeg: "O boodschapper van Allah, zeg mij iets over de islam waarnaar ik niemand anders zal vragen dan u ." Hij zei: "Zeg: 'Ik geloof in Allah, en blijf standvastig."
Overgeleverd door MoeslimDe metgezel Soefyan ibn Abdoellah (moge Allah tevreden zijn met hem) vroeg de profeet (vrede zij met hem) om hem een allesomvattende uitspraak te leren die de essentie van de islam samenvat en waarnaar hij verder niet hoefde te vragen aan niemand anders. Hij antwoordde: "Zeg: 'Ik heb Allah geëénigd en ik geloof dat Hij mijn Heer, God, Schepper en de enige ware God is, zonder deelgenoten.'" Vervolgens dient hij zich te wijden aan gehoorzaamheid aan Allah door de verplichtingen van Allah te vervullen en zich te onthouden van de verboden zaken van Allah, en dit blijvend vol te houden.
Overgeleverd door Aboe ‘Abdellah, Jaabir ibn ‘Abdellah al-Ansari, moge Allah met beiden tevreden zijn: Een man stelde de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) de vraag: '‘Wat denkt u, indien ik mij beperk tot het verrichten van de verplichte gebeden, het vasten in de maand Ramadan, het geoorloofde als geoorloofd erken, het verboden als verboden beschouw en daarbovenop niets toevoeg, zal ik dan het Paradijs binnengaan?’ Hij (vrede zij met hem) antwoordde: ‘Ja.’”
Overgeleverd door MoeslimDe Profeet (moge Allah's vrede en zegeningen met hem zijn) wijst erop dat als iemand de vijf verplichte gebeden verricht en geen extra gebeden verricht, de Ramadan vast en geen vrijwillig vasten houdt, en het wettige (Islamitische wetten) als wettig beschouwt en ernaar handelt en het onwettige als onwettig beschouwt en het vermijdt, hij het Paradijs zal binnengaan.
Overgeleverd door Moad ibn Jabal, moge Allah tevreden zijn met hem, die zei: Ik vroeg: “O Boodschapper van Allah, vertel mij een daad die mij het Paradijs binnenbrengt en mij ver weg houdt van het Vuur.” Hij zei: "Je hebt naar iets groots gevraagd en het is gemakkelijk voor wie Allah het gemakkelijk maakt: Dien Allah en associeer niets met Hem. Verricht het gebed, geef de zakat, vast de maand Ramadan en voer de hadj uit.” Daarna zei Hij: “Wil ik je dat ik je de poorten van het goede toon? Vasten is een schild, liefdadigheid dooft zonden zoals water het vuur dooft en het gebed van een man in het hart van de nacht…” Vervolgens reciteerde Hij: (Hun zijden wijken af van de bedden) … (tot: ze verrichten hun daden). Toen zei Hij: ‘'Zal ik je het hoofd van de zaken en de hoogste verhevenheid van deze zaak vertellen?’' Ik zei: “Ja, O Boodschapper van Allah.” Hij zei: “Het hoofd van de zaak is de Islam, de pijler ervan is het gebed en de top van zijn verhevenheid is jihad.” Daarna zei Hij: “Wil ik je dat ik de sleutel tot dit alles onthul?” Ik zei: “Ja, O Boodschapper van Allah.” Hij nam zijn tong en zei: “Houd dit voor je.” Ik zei: “O Profeet van Allah! Wij worden immers verantwoordelijk gehouden voor wat wij uitspreken.” Hij zei: “Moge je moeder rouwen! Wie werpt mensen op hun gezichten (of op hun neuzen) behalve de vruchten van hun eigen tong?”
Overgeleverd door At-TirmidhiMoad (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: Ik was met de profeet (vrede zij met hem) op reis en op een ochtend was ik dicht bij hem terwijl we liepen. Ik zei: 'O boodschapper van Allah, vertel mij over een daad die mij het paradijs zal doen binnengaan en mij ver zal houden van het vuur.' Hij zei: Voorwaar, je hebt mij iets groots gevraagd en het is gemakkelijk voor degene voor wie Allah het vergemakkelijkt: vervul de verplichtingen van de Islam: De eerste: Aanbid Allah alleen en associeer niets met Hem. De tweede: Onderhoud de verplichte gebeden gedurende de dag en nacht: Fajr, Doehr, Asr, Maghrib en Isha, met hun voorwaarden, pilaren en verplichtingen. De derde: Geef de verplichte Zakaat, een financiële aanbidding die verschuldigd is over elk vermogen dat een vastgesteld bedrag bereikt, gegeven aan degenen die er recht op hebben. De vierde: Vast tijdens de maand Ramadan, onthouding van eten, drinken en andere zaken die vasten verbreken, met de intentie tot aanbidding, van zonsopgang tot zonsondergang. De vijfde: Voer de Hadj uit naar het Huis (de Ka'bah) met de intentie om de rituelen uit te voeren, als een daad van aanbidding voor Allah de Verhevene. Toen zei hij (vrede zij met hem): 'Zal ik je leiden naar de wegen die leiden tot de poorten van goedheid?' Dat is door het verrichten van deze verplichtingen en het navolgen ervan met vrijwillige daden. Ten eerste: Vrijwillig vasten, wat een bescherming biedt tegen het vallen in zonden door het onderdrukken van begeerten en het verzwakken van de kracht. Ten tweede: Vrijwillige liefdadigheid die zonden uitwist nadat ze zijn begaan, zonden verwijdert en hun sporen uitwist. Ten derde: Het nachtgebed (Tahajjoed) in het laatste derde deel van de nacht. Vervolgens reciteerde de profeet (vrede zij met hem) het vers van Allah de Verhevene: '{Hun zijden zich af van hun bedden}, wat betekent dat ze zich verwijderen {van hun bedden}, dat wil zeggen, hun slaapplaatsen {en zij roepen hun Heer aan} door middel van gebed, gedenken, recitatie en smeekbeden {uit vrees en hoop en van wat Wij hen hebben voorzien, geven zij weg}, zodat een ziel niet weet wat voor verheuging er voor hen verborgen is, van genoegens op de Dag der Opstanding en in het paradijs, {als beloning voor wat zij hebben gedaan}." Toen zei hij (vrede zij met hem): 'Zal ik je vertellen over de basis van de religie, zijn steunpilaar waarop het vertrouwt en zijn hoogste punt? "Moad (moge Allah tevreden zijn met hem) zei: 'Ja, O boodschapper van Allah.' De profeet (vrede zij met hem) zei: 'Het fundament van de zaak is de Islam, namelijk de geloofsgetuigenissen (as-shahadatain), waarmee een persoon de kern van zijn religie versterkt. En de pijler ervan is het gebed, want er is geen Islam zonder gebed, net zoals een huis niet kan staan zonder een fundament. Degene die bidt, versterkt zijn geloof en verheft zichzelf. En de piek van zijn geloof en de hoogte ervan is door jihad en het inspannen in de strijd tegen de vijanden van de religie, om de woorden van Allah te verheffen. Toen zei de profeet (vrede zij met hem): 'Zal ik je vertellen over de zorgvuldigheid en precisie van wat is gepasseerd?' Vervolgens greep de profeet (vrede zij met hem) zijn tong vast en zei: 'Beheers deze en spreek niet over zaken die je niet aangaan.' Moad zei: 'Zullen we verantwoordelijk worden gehouden en worden gestraft door onze Heer voor alles wat we zeggen?!' De profeet (vrede zij met hem) antwoordde: 'Je moeder heeft je verloren, Moad!' Het betekent niet dat er een smeekbede tegen iemand wordt uitgesproken, maar het is een Arabische manier om iemand te waarschuwen voor iets waar hij op moet letten en moet begrijpen. Vervolgens zei hij: 'Zullen mensen anders dan door hun tongen op hun gezichten worden geworpen in het vuur, vanwege hun ongeloof, schelden, roddel, laster en soortgelijke zaken.
Overgeleverd van Ibn ‘Abbas, moge Allah tevreden zijn met beiden, dat hij over de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei in wat hij over zijn Heer, de Verhevene, rapporteerde: "Voorwaar, Allah heeft de goede en slechte daden opgetekend en Hij heeft dit verduidelijkt. Wie de intentie heeft een goede daad te verrichten maar deze niet uitvoert, Allah schrijft die bij Hem op als een volmaakte goede daad. En wie de intentie heeft en de daad daadwerkelijk verricht, Allah schrijft die voor Hem op met tien goede daden, tot wel zevenhonderdvoud of nog vele malen meer. En wie de intentie heeft een slechte daad te verrichten maar deze niet uitvoert, Allah schrijft die voor Hem op als een volmaakte goede daad. Maar wie de intentie heeft en de daad daadwerkelijk verricht, Allah schrijft die bij Hem op als slechts één slechte daad.”
رواه البخاري ومسلم في صحيحيهما بهذه الحروفDe Boodschapper (moge Allah Zijn vrede en zegeningen met hem zijn) wijst erop dat Allah de goede daden en de slechte voorbestemd heeft en vervolgens aan de twee engelen heeft laten zien hoe ze deze op moesten schrijven: Als iemand de intentie heeft en vastbesloten is, om een goede daad te doen, zal het voor hem worden opgetekend als één goede daad, zelfs als hij het niet heeft gedaan; en als hij het doet, wordt de beloning ervan vermenigvuldigd van tien tot zevenhonderd keer en vele malen meer. De toename hangt af van de oprechtheid in het hart van de persoon en hoeveel voordeel zijn goede daad anderen brengt, enzovoort. Aan de andere kant, als een persoon een slechte daad wil en besloten heeft om het uit te voeren, maar er vervolgens van afziet omwille van Allah, zal het voor hem als een goede daad worden opgetekend. Maar, als hij het opgeeft omdat hij zich met iets anders bezighoudt, terwijl hij niet bezig is met de middelen die ertoe leiden, zal het niet als iets worden geregistreerd. Maar als hij ervan afziet vanwege onvermogen, zal zijn voornemen tegen hem worden opgetekend. En als hij het doet, zal het geregistreerd worden als een slechte daad.
Overgeleverd door Aboe Hoeraira, moge Allah tevreden zijn met hem, dat de Boodschapper van Allah (vrede zij met hem) zei: “Voorwaar, Allah, de Verhevene, zegt: ‘Wie vijandschap koestert jegens een van Mijn beschermelingen, Ik verklaar hem de oorlog. En niets komt dichter bij Mij dan hetgeen Mijn dienaar aan verplichtingen jegens Mij vervult. Mijn dienaar blijft zich vrijwillig aan Mij naderen door bijkomende daden totdat Ik hem liefheb. Zodra Ik hem liefheb, word Ik zijn gehoor waarmee hij hoort, zijn oog waarmee hij ziet, zijn hand waarmee hij handelt en zijn voet waarmee hij loopt. Als hij Mij iets vraagt, zal Ik het hem geven en als hij Mij om bescherming vraagt, zal Ik hem beschermen."
Overgeleverd door Al-BoekhariIn de Qudsi-hadith heeft de Profeet (vrede zij met hem) overgeleverd dat Allah, de Verhevene, zegt: ‘'Wie een beschermeling van Mij schade berokkent, hem kwaad doet of haat koestert, voor hem heb Ik de vijandschap verklaard en hem dat duidelijk gemaakt.’' En de beschermeling (al-wali) is de gelovige die Allah vrezend is en naar gelang iemands geloof en vroomheid, zo groot is zijn aandeel in de bescherming en leiding van Allah. Wat de gelovige vrijwillig tot zijn Heer nadert boven de verplichte plichten, door het verrichten van de geboden en het vermijden van verboden, is voor Allah het meest geliefd. De gelovige blijft zich tot zijn Heer naderen door bijkomende vrijwillige daden, samen met de verplichte plichten, totdat hij de liefde van Allah verwerft. Zodra Allah hem liefheeft, leidt Hij hem in de vier genoemde ledematen: Hij leidt zijn gehoor, zodat hij slechts hoort wat Allah behaagt. Hij leidt zijn oog, zodat hij slechts kijkt naar wat Allah liefheeft en goedkeurt. Hij leidt zijn hand, zodat hij slechts handelt in wat Allah behaagt. Hij leidt zijn voet, zodat hij slechts gaat naar dat wat Allah behaagt en slechts streeft naar dat wat goed is. En boven dit alles, als hij Allah om iets vraagt, zal Allah het hem geven, zodat zijn gebed verhoord wordt; en als hij zich tot Allah wendt om bescherming, dan zal Allah hem beschermen en hem behoeden tegen hetgeen hij vreest.